Auteur: Rinus Baaijen, Kap bd Lua

In deze rubriek wordt in twee sub-rubrieken 'Doelopsporing' en 'Vuurleiding' behandeld.

1. Opsporingsmiddelen

De maatregelen om doelen op te sporen zijn in de beginjaren van de 19e eeuw in aantal en omvang toegenomen.

In die jaren was doelopsporing op de locatie van de luchtverdediging met het blote oog het enige middel. Er werd flink geëxperimenteerd. Men begon met de originele veldkijker maar daar werden al snel enkele hulpmiddelen, zoals een verticale en horizontale hoekmeter, aan vastgemaakt. Daarna kwam het luisterapparaat en vervolgens werden de zoeklichten daaraan toegevoegd.

Elevatie(hoogte) en breedtehoek (richting)meting

Met de komst van het luistertoestel was het mogelijk bij dag en ook 's nachts, zowel de verticale- als de horizontale hoek (elevatie en breedtehoek) te meten. Omdat het moeilijk was om met de zoeklichten een doel 'in de bundel' te krijgen werd in de vermoedelijke aanvalsrichting een luistertoestel als voorwaarschuwing bij een zoeklichtbatterij geplaatst. De zoeklichtbatterijen werden in een ruit opgesteld waarbij het voorste zoeklicht als het verkennend zoeklicht functioneerde. Het luistertoestel gaf dan de breedtehoek en de elevatie door aan het verkennende zoeklicht van de zoeklichtbatterij dat op zijn beurt de gegevens doorgaf aan de volgzoeklichten.

opstelling zoeklichten

Luchtwachter met kijker
Luchtwachter met kijker
Luistertoestel
Luistertoestel

Zoeklicht 3 assig

Zoeklicht


2. Vuurleiding
Het begrip vuurleiding bevat alle maatregelen die kunnen leiden tot het afgeven van gericht vuur.
In hoofdlijnen bestaan er een drietal manieren:
 
- vuren met gebruikmaking van optische richtmiddelen
- vuren met gebruikmaking van radar/vuurleidingsapparatuur
- vuren met (zelf)geleide raketsystemen
 

Afhankelijk van de mate van techniek worden in 'rekensystemen of vuurleidingstoestellen' een aantal parameters verwerkt, zoals onder meer:

  • doelgegevens (type doel, koers, snelheid)
  • herkenning (eigen, neutraal, vijandelijk)
  • luchtruimbeheersing (hoe is het gebruik van het luchtruim geregeld)
  • regels voor de vuuropening (wanneer wel en wanneer niet vuren)
  • meteorologische omstandigheden (windsterkte en richting, luchttemperatuur, luchtdruk)
  • het eigen in te zetten middel (wapen karakteristieken)
  • dislocatie van de apparatuur (parallaxgegevens)
  • munitiegegevens (schootstafel)

Pdf Document uit de Arma 24 over het vuurleidingstoestel LG 4/5 van Hazemeyer en Hazemeyer Signaal Apparatenfabriek te Hengelo vlak voor het uitbreken van WO II. Vuurleidingstoestel LG 4/5

Een voorbeeld van de werkwijze van vuurleiding in een batterij met vuurmonden van 7,5 cm is te lezen in dit pdf document: Vuurleiding

Omdat er steeds meer vliegtuigen werden ontwikkeld die ook steeds sneller vlogen was een nog vroegere opsporing van groot belang. Om die reden werd dan ook al snel de radar ontwikkeld.

Aan het einde van de Tweede Wereldoorlog werden voor zowel de landstrijdkrachten als de luchtmacht en marine diverse radarsystemen ontwikkeld.

Radar AN/TPS-1

Radar AN/TPS-1


Herkennen van luchtdoelen was een kwestie van nationaliteitskenmerken, later kwamen daar gedragsherkenning (wat doet het vliegtuig) en elektronische herkenning (Identificatie Vriend of Vijand, IVV) bij.

Nationale herkenningskenmerken

Om naar het fotoalbum te gaan: klik hier . . . .


Meer informatie over de nieuwste ontwikkelingen van het DGLC en de HCGLVD krijgt u via Facebook: klik hier . . .

Bron fotomateriaal: Archief HCGLVD